Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.
Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.
Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.
Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.
Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.
Hoe actueel is de informatie?
De site wordt van dag tot dag up-to-date gehouden. Iedere werkdag om uiterlijk 17.00 uur is de site bijgewerkt met de op die dag beschikbaar gekomen informatie.
Wanneer heeft de raad instemming?
U kunt het overzicht van instemming of advies downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Wist u dat de sitemap fungeert als een index?
De sitemap is een index van alle pagina's die de website www.infowms.nl bevat. U kunt de sitemap gebruiken om in een oogopslag te zien hoe de site is ingedeeld, maar ook om naar de pagina van uw keuze te klikken.
Wat staat er in de sitemap:
De titels 'vergaderen', 'kamerstukken', 'personen', 'algemeen', en 'introductie' bevatten elk, net als de gekleurde titels bovenaan de pagina, een uitklapmenu met subtitels. Deze kunt u zien door op het plusje links van de titel te klikken. Op dezelfde manier kunt u het menu weer dichtklappen door op de min (plus is inmiddels veranderd in min) te klikken. Door middel van een muisklik op een titel in de sitemap komt u vanzelf op de pagina van uw keuze.
Tip:
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
Gebruiken van de sitemap:
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Kan een directielid ook lid zijn van de (G)MR?
In principe kan ieder personeelslid in de (G)MR gekozen worden. Dus ook directieleden, maar als het betreffende directielid (gemandateerde) bestuurstaken heeft, ontstaat er een probleem. Het is niet onmogelijk om dit directielid toch te kiezen, maar niet wenselijk. Los van deze algemene benadering bepaalt de wet, dat in een specifiek geval er wel sprake is van een onverenigbaarheid van functies. Artikel 3, lid 7 luidt: "Geen lid van de medezeggenschapsraad kunnen zijn degenen die deel uitmalen van het bevoegd gezag".
En wanneer heeft de raad adviesrecht?
U kunt een overzicht downloaden. Ga naar Medezeggenschap/Instemming of advies, daar treft u de link.
Dit overzicht is conform de wettekst van de Wet medezeggenschap op scholen. Afwijking daarvan is mogelijk met instemming van tenminste twee derde deel van de medezeggenschapsraad. Deze afwijking moet om de twee jaar herbevestigd worden in de reglementen.
Geldt de WMS ook voor het middelbaar en hoger beroepsonderwijs?
De Wet medezeggenschap onderwijs 1992, de WMO (de oude wet dus) blijft gelden voor de BVE-sector. Er is een nieuwe wet in de maak, waarbij er een regeling komt voor de medezeggenschap van de studenten. Voor de werknemers in deze sector gaat de Wet op de ondernemingsraden (WOR) gelden. De hogescholen hebben een eigen wettelijke regeling voor de medezeggenschap van werknemers en studenten. Deze wet verandert niet door de komst van de WMS. Ook voor het HBO komt er in de toekomst een nieuwe wet. Wanneer die ingaat is nog onbekend.
Wanneer moet het statuut en de reglementen uiterlijk klaar zijn?
Het bevoegd gezag moet binnen 4 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1 mei 2007, een voorstel voorleggen aan de raad (mr en gmr) voor één of meer medezeggenschapsreglement(-en) en een voorstel voor een medezeggenschapsstatuut. Die raden moeten zich vervolgens binnen 4 maanden uitspreken over deze voorstellen. Uiterlijk 1 september 2007 moet elke mr en gmr dus een nieuw reglement hebben en moet er een medezeggenschapsstatuut opgesteld te zijn. Tegelijk moet het oude reglement op enig tijdstip geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken door het bevoegd gezag –met instemming van de raad-;het vervalt in ieder geval geheel per 1 augustus 2008.
Wat moet het schoolbestuur doen om de WMS uit te voeren?
Op 1 januari 2007 is de nieuwe wet in werking getreden. Belangrijkste overgangsbepaling is, dat het schoolbestuur dient te zorgen voor het vernieuwen van de bestaande medezeggenschapsreglementen, het opstellen van nieuwe reglementen voor de nieuw in te stellen organen en voor het opstellen van het medezeggenschapsstatuut.
Wat is het belangrijkste punt om op te letten bij de nieuwe reglementen?
De gezamenlijke organisaties van ouders, leerlingen, werknemers, werkgevers en managers werken aan het tot stand komen van handreikingen voor de reglementen en het statuut. Deze handreikingen bieden praktische handvatten voor het maken van keuzes bij de vormgeving van de medezeggenschap in de eigen instelling en modellen voor de daarbij behorende reglementen. Wanneer deze handreikingen worden gebruikt, dan passeren alle belangrijke en noodzakelijke elementen in reglement en statuut. Een bevoegd gezag en een raad die actief willen inspelen op het beleid voor het komende schooljaar, zouden met het reglement en het statuut al klaar kunnen zijn in april 2007. En dat is een reële optie.
Wat gebeurt er met lopende geschillen?
De wet bepaalt, dat geschillen die voor het inwerking treden van de WMS bij een commissie aanhangig zijn gemaakt, naar de criteria van de nieuwe wet zullen worden beoordeeld. Dat kan nogal wat gevolgen hebben voor met name adviesgeschillen. Onder de WMO beoordeelde de commissie vooral de rechtmatigheid – zeg maar de formele vereisten - van een besluit waarmee het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de raad. Na 1 januari 2007 velt de commissie een oordeel over de vraag of het bevoegd gezag bij het al dan niet geheel volgen van het advies bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot zijn voorstel is kunnen komen. De commissie zal met andere woorden, veel meer inhoudelijk gaan kijken naar de gedachtewisseling die er is geweest tussen de raad en het bevoegd gezag, en de uiteindelijke beslissing van het bevoegd gezag.
Moeten mr-leden opnieuw gekozen worden als er een nieuw reglement is?
Door de nieuwe wet zal de verkiezingsprocedure als zodanig niet gewijzigd worden. Ook zijn geen nieuwe verkiezingen nodig. De zittende leden van een mr behouden hun “mandaat” van hun kiezers tot het moment dat zij formeel aftredend zijn.
De bepaling in de WMS rond de “voorlopige medezeggenschapsraad” is op deze overgangstermijn niet van toepassing. Dat betreft een situatie waarbij een nieuwe school wordt opgestart.
Toch zal het voorkomen, dat op het moment van inwerkingtreding van het nieuwe medezeggenschapreglement en het medezeggenschapsstatuut nieuwe verkiezingen worden gehouden. Voor een deel van het medezeggenschapsgebouw zal dit noodzakelijk zijn gelet op het instellen van volledig nieuwe organen als bijvoorbeeld een deelraad voor een nevenvestiging of een groepsmedezeggenschapsraad. Maar het kan wenselijk zijn alle verkiezingen tegelijk te laten plaatsvinden, gelet op de onderlinge samenhang van raden, communicatie met andere organen, verdeling van bevoegdheden en faciliteiten, en het soms erg noodzakelijke “oppoetsen” van het imago van de medezeggenschap.
Tot wanneer loopt de zittingstermijn van een lid van de raad door?
In principe geldt de regeling die in het verleden is afgesproken. Het rooster van aftreden wijzigt niet door de nieuwe wet. Wel kan het noodzakelijk zijn om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Zie bovenstaande vraag.
Wat is het maximum aantal leden in de (g)mr?
In tegenstelling tot de WMO geeft de nieuwe wet alleen het aantal minimum leden. Er zitten tenminste 4 leden in de (G)MR. Voor het primair onderwijs zijn dat twee personeelsleden en twee ouderleden. Voor het voortgezet onderwijs zijn dat twee personeelsleden en een ouderlid en een leerlinglid.
Kunnen ook leerlingen vanuit het Praktijk Onderwijs in de (g)mr zitten?
Praktijk onderwijs valt onder de wet op het voortgezet onderwijs. Voor het praktijk onderwijs gelden dus dezelfde regelingen. Als leerlingen niet in staat zijn om adequaat mee te kunnen doen in de (g)mr is vervanging door een ouderlid mogelijk.
Kan onze andere locatie ook een MR hebben?
Ten aanzien van medezeggenschapsraden wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd:
Aan ieder Brinnummer is een MR verbonden. Dat heeft tot gevolg dar er binnen een Brinnummer geen twee MRaden kunnen zijn. Om nu locaties en afdelingen ook zeggenschap te kunnen geven over zaken die op die plek spelen is de instelling van een deelraad mogelijk. De deelraad heeft vanuit de MR alle bevoegdheden gekregen die voor die afdeling noodzakelijk zijn.
Wat is het verschil tussen een MR en een deelraad.
De algemene regel is dat aan ieder Brinnummer een MR is verbonden. Dus een bestuur dat meerdere scholen onder zijn beheer heeft, krijgt te maken met even zoveel MRaden. Door die MRaden wordt de Gemeenschappelijke medezegenschapsraad gekozen. Een deelraad geeft medezeggenschap aan een afdeling, locatie, of een ander belangrijk onderdeel van een school. Omdat deze locaties soms heel zelfstandig functioneren kunnen de bevoegdheden van de deelraad in belangrijke mate overeenkomen van die van de MR. Wel is het zo dat de MR instemming moet verlenen met het instellen van een deelraad. Zij raakt immers een deel van haar bevoegdheden kwijt.
Kan een bestuur de GMR opsplitsen in een ondernemingsraad en een clientenraad?
Nee, de WMS schrijft nadrukkelijk de gezamenlijke medezeggenschap van personeel, ouders (en in het voortgezet onderwijs ook van leerlingen) voor. Er is geen enkele wettelijke basis voor het invoeren van een ondernemingsraad en een cliëntenraad in het basis- en voortgezet onderwijs.
De WMS geeft wel afzonderlijke, eigenstandige bevoegdheden aan de verschillende geledingen.De geledingen kunnen over die bevoegdheden rechtstreeks met het bestuur of de directeur overleg plegen.
Blijven de "oude" afspraken gelden, totdat er een nieuw reglement is?
In de Memorie van Toelichting staat, dat de nieuwe wet als zodanig niet in alle gevallen direct zou behoeven te leiden tot wijziging van het reglement. Toch vindt de MvT wijziging wel wenselijk vanwege de nieuwe (wettelijke) bevoegdheidsverdeling en de mogelijkheden die de wet biedt tot afwijkende verdeling van bevoegdheden. Dit kan niets anders betekenen, dan dat alle wettelijke bevoegdheden per 1-1-2007 volledig gaan gelden ook zonder dat het reglement daarop al is aangepast. Immers, voor het bestaan van bevoegdheden is niet het reglement bepalend, maar de wet. Afspraken over afwijking van de wettelijke bevoegdheden is door de WMS wel mogelijk, maar moeten wellicht opnieuw gemaakt worden. Dat geldt niet voor toegekende extra (niet in de wet genoemde) bevoegdheden, die kunnen gewoon doorlopen. Een voorbeeld van extra bevoegdheden is: de MR heeft adviesrecht ten aanzien van de benoeming van bestuursleden. Onder de WMO hebben verschillende schoolbesturen de bevoegdhedenregeling gewijzigd en aangepast naar een door hen gewenst model. Dat is met 2/3 deel instemming van de (G)MR ook onder de WMS mogelijk.
Wat heeft lumpsumpo met de wms te maken?
Mede door de invoering van lumpsum in het primair onderwijs was de medezeggenschap op scholen aan vernieuwing toe. Lumpsumpo heeft veel aandacht gegeven aan de medezeggenschap en de projectgroep WMS gaat daarop door.
Wat is de omvang van de GMR?
De GMR bestaat net zoals de MR uit tenminste vier leden. Veel scholen willen zelf in de GMR een directe plaats hebben. Soms zelfs met zowel een personeelslid als een ouder. Dat leidt tot onwerkbare situaties, vooral als er veel scholen onder een bestuur resorteren. 48 GMR leden is onverstandig en bepaald niet effectief. Er zijn tal van varianten te bedenken om tot een evenwichtig orgaan te komen. Zeker omdat GMR leden niet afkomstig behoeven te zijn uit de MR kan men met kieslijsten werken.
Moet een GMR-lid ook MR-lid zijn?
Onder de WMS is het niet noodzakelijk dat een lid van de gmr ook een mr-lid. In artikel 4, lid 2 van de wettekst staat: 'in een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is elke medezeggenschapsraad van de betrokken scholen vertegenwoordigd'. In artikel 4, lid 3 staat vervolgens dat 'de leden van de gmr worden gekozen door de leden van de desbetreffende afzonderlijke medezeggenschapsraden (...)'. Er staat in dit artikel dus niet dat de gmr-leden uit de mr-leden worden gekozen. Hieruit volgt dat er geen koppeling tussen mr- en gmr-lidmaatschap is voorgeschreven
Hoe kan ik iets vinden?
Kunt u het gewenste onderwerp niet vinden via de sitemap, probeert u dan het woord in te typen bij de zoekfunctie bovenaan de pagina.
De sitemap kunt u vanuit elke pagina aanklikken in de rode kolom links op uw scherm. De sitemap opent vanzelf in een nieuw venster dat u naar elke gewenste plaats kunt slepen (klik op de blauwe balk bovenin het venster, hou de knop ingedrukt en 'sleep' met de muis over het scherm). Tijdens het navigeren over de site kunt u de sitemap laten staan als referentiepunt. Uiteraard kunt u de sitemap altijd weer uitklikken via het kruisje in de balk bovenaan het venster.
Tip:
Wilt u de sitemap even niet zien, maar later weer gebruiken, maak hem dan klein via het streepje in de balk bovenaan het venster. Om hem weer op te roepen, klikt u 'Sitemap' aan in de balk beneden aan uw scherm.
Heeft een geleding toestemming nodig van de andere geledingen als zij art 12 ,13 of 14 WMS willen uitoefenen?
Behoeft een geleding die een recht wil uitoefenen als bedoeld in de art. 12, 13 en 14 WMS wel/niet de mogelijkheid daartoe te verwerven via een procedure als bedoeld in art 6 lid 3 WMS?
Art 12, 13 en 14 van de WMS regelen de instemmingsbevoegdheden van de aparte geledingen. Deze instemming zal de geleding zelfstandig uitoefenen. Daarvoor hoeft niet de procedure van art 6 lid 3 WMS te worden gebruikt. Die bepaling (art 6 lid 3) geldt slechts over bevoegdheden van de MR als geheel.
Gebruik de zoekfunctie van deze site
Deze site beschikt over een krachtige zoekfunctie. Indien men over een bepaald onderwerp de informatie van deze site wilt vinden toets dan dit onderwerp in en alle informatie (inclusief de relevantie) komt op het scherm.
Wat is de reikwijdte van het overgangsrecht uit art 41 WMS ten aanzien van de bijzondere bevoegdheden die in een reglement waren opgenomen?
De commissie is van oordeel dat het uitgangspunt dient te zijn dat met ingang van 1 januari 2007 een MR tenminste beschikt over de bevoegdheden uit de WMS. Bevoegdheden in het bestaande reglement blijven hun werking dan behouden tot er een nieuw reglement ligt of uiterlijk tot 1 augustus 2008, wanneer zij niet in negatieve zin afwijken van de WMS.
Welke MR is bevoegd te beslissen over een bovenbestuurlijk arrangement, waarbij van de twee besturen slechts twee (afdelingen van twee) scholen betrokken zijn?
De commissie is van oordeel dat hierover formeel alleen de GMR-en van beide besturen bij de besluitvorming zijn betrokken.
Dit laat onverlet dat het natuurlijk zo is dat die afzonderlijke scholen/afdelingen in het voortraject bij de besluitvorming zijn betrokken.
Wat is de positie van de medezeggenschap bij een praktijkschool die viel onder een bestuur primair onderwijs en feitelijk onder dat bestuur blijft vallen?
De commissie is van oordeel dat de medezeggenschap formeel wordt gesplitst in een PO- deel en een VO-deel ( de praktijkschool). De MR van de praktijkschool dient dan ook te werken op basis van de bepalingen voor het VO (samenstelling, bevoegdheden).
Hoe moeten wij de GMR samenstellen?
Deze vraag komt in allerlei vormen naar voren.
Er zijn een paar vuistregels:
De wet zegt dat de leden van de GMR worden gekozen door de leden van de medezeggenschapsraden. De kandidaat gmr-leden moeten of personeelslid of een ouder/leerling zijn van een van de onder het bestuur staande scholen. Dat kan dus iedereen een zijn! Kandidaten kunnen dus gesteld worden door een of meer scholen, maar ook door zichzelf kandidaat te stellen. Deze personen komen op de kieslijst en het is aan de leden van de mraden om de juiste persoon op de juiste plaats te kiezen. Het principe is niet anders dan de werkwijze van de Tweede Kamer verkiezingen. Democratisch, namens ons allen. GMR-leden behartigen dus geen specifiek schoolbelang maar het algemeen belang. Dat is ook vaste gelegd in de wet. Daar waar het belang van een enkele school aan de orde is treedt de mr op.
Wat voor geschillen zijn er mogelijk?
De "normale" geschillen zijn die welke in de WMS zelf worden genoemd en
geregeld. De WMS geeft echter ook de mogelijkheid - dus geen
verplichting - om andere geschillen dan die welke in de wet worden
genoemd, te regelen in het reglement. Welke dat zijn, dat is centraal
niet te bepalen. Vandaar noemt de site er - bij artikel 33 - een paar
die kennelijk in de praktijk onder de oude wet al met succes zijn
toegepast.
Hoe stel je een MR samen op een justitieschool.
De vraag betreft de positie van de verschillende geledingen bij instellingen voor leerlingen met gedragsproblemen, justitiële instellingen. Kun je er van afzien een ouder- en/of leerlinggeleding te creëren? De betrokkenheid van ouders en leerlingen bij medezeggenschap is klein, al dan niet veroorzaakt door de vaak korte verblijfsduur. Bovendien hebben sommige leerlingen een zeer beperkte bewegingsvrijheid.
De commissie is van oordeel de wet de mogelijkheid biedt om op grond van artikel 27 regels vastgesteld kunnen worden voor specifieke situaties bij een categorie van scholen. Het is denkbaar dat er een formeel verzoek gedaan wordt om bij amvb afwijkende afspraken te maken voor de deelname van ouders en leerlingen bij dit type school.
Uitgaande van een afwijzende reactie op een dergelijk verzoek kan niet anders dan geconstateerd worden dat in voorkomende gevallen de beschikbare zetels onbezet blijven. Er is dan mogelijk sprake van slechts één functionerende geleding, die van het personeel.
De commissie wijst er voor alle duidelijkheid op dat ook de bepalingen van paragraaf M van het Besluit medezeggenschap onderwijs hierin geen verandering brengen.
Bij het kiezen van de vergaderlocatie kan rekening gehouden worden met de bewegingsvrijheid van sommige leerlingen, zodat zij in ieder geval niet om die reden verstek hoeven te laten gaan.
Samenstelling GMR
De vraag is of in een reglement bepaald kan worden dat per definitie vanuit iedere school een tweetal MR leden worden afgevaardigd naar de GMR?. Bovendien is de vraag of bepaald kan worden dat de MR-en gezamenlijk de verkiezingen, ook voor de GMR organiseren?
De WMS laat veel ruimte aan de scholen om zaken in het reglement te regelen. Er is slechts een minimumaantal leden voor de (G)MR vastgelegd, te weten 4. Het is aan de scholen om het maximum aantal te bepalen, waarbij het dus altijd mogelijk is het aantal GMR leden te laten afhangen van het aantal scholen. Ook kan in het reglement worden bepaald dat de leden van de GMR niet alleen door, maar ook uit de MR-en worden gekozen. De wet stelt wel als voorwaarde dat er altijd een gelijk aantal ouders en personeelsleden in de (G)MR moeten zitten (PO), dan wel ouders/leerlingen en personeelsleden, waarbij dan ook weer het aantal ouders en leerlingen gelijk moeten zijn, voor het VO. Het is aan de scholen te beoordelen wat een werkbare omvang is.
In het reglement wordt vastgelegd wie belast is met de organisatie van de verkiezingen. De WMS doet daarover geen uitspraak.
Is het mogelijk om tussentijdse verkiezingen uit te schrijven?
De wet regelt deze mogelijkheid niet, maar laat de ruimte in het reglement iets op te nemen over tussentijdse verkiezingen. Men moet wel beseffen dat het niet zo moet zijn dat het instrument van tussentijdse verkiezing wordt ingezet om dissidenten uit een MR te werken. Daar moeten meer objectieve gronden aan ten grondslag liggen.