U bevindt zich op: WMS /Toolkit en Publicaties / Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Waar MR staat, wordt ook de GMR bedoeld. 

1. Welke tekortkomingen binnen de Wet medezeggenschap op scholen (Wms) zijn bij de evaluatie naar voren gekomen?

De Wet medezeggenschap op scholen (Wms) is in 2007 ingevoerd en in 2011 geëvalueerd. Daarbij kwamen verschillende knelpunten aan het licht:

  • De MR wordt vaak te laat of helemaal niet geïnformeerd.
  • De schoolleider fungeert vaak als adviseur en tegelijk als overlegpartner (namens het bevoegd gezag) van de MR.
  • De schoolleider is nog vaak structureel aanwezig bij de vergadering van de MR
  • Bij driekwart van de scholen ontbreken afspraken over rechtsbijstand ten behoeve van de MR.
  • De bestuurder neemt adviezen niet serieus en legt besluiten niet altijd voor.
  • Het is lastig om leden te krijgen.
  • Het contact met de achterban kan beter.
  • Het ontbreekt de MR aan voldoende professionaliteit.

2. Waarom is de Wms naar aanleiding van de evaluatie in 2012 niet aangepast en is het initiatief genomen voor het ‘advies goede medezeggenschap’?

De gezamenlijke organisaties hebben het initiatief genomen voor een campagne op basis van het advies goede medezeggenschap. De toenmalige minister van Bijsterveldt zag daarbij mogelijkheden tot verbetering en versterking. Het gebrekkig functioneren van het toezicht en de medezeggenschap bij recente schandalen bij een aantal schoolbesturen, waren ook aanleiding voor de onderwijs- en ouderorganisaties  om gezamenlijk een advies Goede Medezeggenschap op te stellen. Dit advies vormt het uitgangspunt van de campagne Versterking Medezeggenschap die loopt van november 2014 tot januari 2016. De toenmalige minister Van Bijsterveldt van OCW heeft daarvoor budget beschikbaar gesteld.

3. Wat biedt de campagne Versterking Medezeggenschap en waar vind ik meer informatie?

Op de website www.infowms.nl vindt u het advies Goede Medezeggenschap met daarbij een aantal praktische handreikingen en een toolkit met hulpmiddelen waarmee u zelf aan de slag kunt. Heeft u daar ondersteuning bij nodig dan kunt u contact opnemen met een van onze deskundigen medezeggenschap. Ook is het mogelijk gratis begeleiding of advies te krijgen bij ontwikkelvraagstukken met betrekking tot de praktische toepassing van het advies ‘goede medezeggenschap’. Daarnaast kunnen wij u ondersteunen bij het organiseren van workshops, themadagen en het boeken van sprekers.

4. Wat houdt de gratis ondersteuning door een trainer of adviseur in en hoe geef ik onze MR en onze bestuurder/ directeur daarvoor op?

De dragende organisaties stellen deskundige trainers/adviseurs beschikbaar die u kunnen adviseren of begeleiden bij een ontwikkelvraagstuk. De gezamenlijke inzet van zowel MR als de bestuurder- directeur is essentieel om een verandering te bewerkstelligen. Een adviesaanvraag bestaat uit 10 uur ondersteuning door een trainer-adviseur, bij begeleiding is sprake van 20 uur verdeeld over twee deskundigen. U vindt de kaders en voorwaarden voor de aanvraag advies of begeleiding en het aanvraagformulier op www.infowms.nl.

5. Wat is de actie ‘Quickstart MZ´ en hoe kunnen we daar gebruik van maken?

Scholen kunnen een dagdeel over een trainer beschikken die een aantal zaken bespreekt en in gang zet om de medezeggenschap sterk te laten starten in het schooljaar 2015-1016. U kunt zich daarvoor aanmelden via dit formulier.

6. Hoe onderhouden we goed contact met de achterban?

Een belangrijke taak van de MR is de achterban, bestaande uit personeel, ouders en in het voortgezet onderwijs ook de leerlingen, te informeren over gemaakte keuzes, uitgebrachte adviezen en genomen beslissingen. Dit kan via de schoolwebsite, een (digitale) nieuwsbrief, het mededelingenbord, een achterbanbijeenkomst, een spreekuur en het jaarverslag. Houd de informatie kort en bondig en voor alle lezers te begrijpen. Denk ook aan het vroegtijdig aankondigen van de MR-vergaderingen en het bekendmaken van de onderwerpen die worden besproken. Wilt u de mening van de achterban peilen, dan kunt u tegenwoordig over verschillende gratis enquêtes via internet beschikken. Tips hiervoor vindt u in de toolkit. Het schoolbestuur stelt faciliteiten ter beschikking om de communicatie met de achterban mogelijk te maken.

7. Hoe onderhouden we het contact met de raad van toezicht?

Over de relatie tussen de MR en de raad van toezicht is formeel niets geregeld. Om goed toezicht te kunnen houden, is het echter ondenkbaar dat er geen relatie tussen beide raden zou bestaan. De MR heeft het recht een lid voor de raad van toezicht voor te dragen en mag de raad om tussentijds overleg met de toezichthouder vragen. Meestal vindt jaarlijks overleg plaats over de hoofdlijnen van het beleid, de financiële stand van zaken en het functioneren van de medezeggenschap en het schoolbestuur voldoende. Daarnaast kan het voorkomen dat de MR zich rechtstreeks tot de raad van toezicht meldt als er iets echt mis gaat. Het is raadzaam deze procedure op te nemen in het medezeggenschapsreglement en/of –statuut. Lees meer bij het Thema relatie MR en toezichthouder.

8. Wat houdt het initiatiefrecht in en hoe kunnen we daar meer gebruik van maken?

De wet geeft medezeggenschapsraden het recht met eigen voorstellen te komen over kwesties die zij van belang vinden. De overlegpartner is verplicht op deze voorstellen een onderbouwde reactie te geven. Dit recht biedt de MR de gelegenheid een proactieve houding aan te nemen. Neem de onderwerpen die u wilt inbrengen bij voorkeur aan het begin van het jaar op in het activiteitenplan. Natuurlijk kunnen er zich actuele ontwikkelingen voordoen, waardoor u zaken dringend aan de kaak wilt stellen, bijvoorbeeld als zich pestincidenten voordoen.

9. Wat regel je in de statuten en reglementen en wie is daarvoor verantwoordelijk?

Ieder bevoegd gezag is verplicht een medezeggenschapsreglement en -statuut vast te stellen en deze documenten elke twee jaar (alleen statuut) opnieuw ter instemming aan de MR voor te leggen. In deze documenten staat hoe de medezeggenschap bij een bestuur en binnen een school (medezeggenschapsreglement) is geregeld. U vindt er onder meer informatie over de omvang, samenstelling, zittingsduur, inrichting en werkwijze van de MR, de organisatie van verkiezingen, de informatieverstrekking, de geschillenregeling, wie namens het bevoegd gezag het overleg voert, de faciliteitenregeling en een overzicht van de plichten, rechten, taken en bevoegdheden. Hier vindt u modelreglementen en –statuten.

10. Welke faciliteiten zijn er op het gebied van medezeggenschap?

In artikel 28 van de Wms staat uitgebreid wat de faciliteitenregeling inhoudt. Het bevoegd gezag moet het gebruik toestaan van voorzieningen die de MR voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig heeft, zoals een vergaderruimte en het kopieerapparaat. Daarnaast wordt een regeling getroffen voor de noodzakelijke kosten van medezeggenschapsactiviteiten van ouders, personeel of leerlingen. Hieronder vallen onder andere scholing, het inhuren van deskundigen, het voeren van rechtsgedingen, maar ook de kosten voor het informeren en raadplegen van de achterban. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat het bevoegd gezag bijdraagt in de kosten voor administratieve ondersteuning van de MR, zoals een ambtelijk secretaris of een notulist. Op grond van de cao stelt het bevoegd gezag voor personeelsleden in de MR tijd en geld beschikbaar voor het noodzakelijke MR-werk en middelen. Ouders kunnen via de faciliteitenregeling een vergoeding krijgen voor hun medezeggenschapswerkzaamheden. Voor leerlingen kan de school een regeling treffen in de vorm van vrijstelling voor bepaalde vakken, bijvoorbeeld maatschappijleer, of een geldelijke beloning per vergadering. Zie ook de Handreiking Faciliteiten en activiteitenplan en het tipboek.

11. Hoe krijgen we voldoende faciliteiten?

Maak aan het begin van het schooljaar een duidelijk activiteitenplan met daarbij een begroting voor de te verwachten kosten, zoals scholing, vakliteratuur en ondersteuning. Zowel bevoegd gezag als MR weten dan tijdig waar ze aan toe zijn. De MR legt in het jaarverslag achteraf verantwoording af over de besteding van de gelden.

12. Waar vind ik informatie over wet- en regelgeving en hoe blijf ik op de hoogte van de actuele ontwikkelingen op het gebied van medezeggenschap?

Op de website www.infowms.nl van de Stichting Onderwijsgeschillen vindt u de actuele tekst van de Wet medezeggenschap op scholen (Wms), modelstatuten en –reglementen en de uitspraken van de Landelijke Commissie voor Geschillen Wms zijn te vinden op www.onderwijsgeschillen.nl.  Daarnaast zijn er de bladen Infomr van de Algemene Onderwijsbond en MR magazine van uitgeverij Kluwer. Infomr heeft tevens een speciale website waar u actuele informatie vindt. Ook het jaarlijkse WMS Congres in de Reehorst in Ede biedt een bron van informatie en de mogelijkheid vele verschillende workshops te volgen. Ook de onderwijsboden, het LAKS en de verschillende ouderorganisaties bieden op hun websites de nodige informatie over medezeggenschap.

13. Wat is het verschil tussen een MR-vergadering en een overlegvergadering?

De MR-vergadering vindt plaats zonder overlegpartner om voorstellen te bespreken, vragen voor te bereiden en meningen uit te wisselen. De overlegvergadering is met de overlegpartner om antwoorden op vragen te krijgen, informatie uit te wisselen, adviezen te bespreken en een standpunt voor te bereiden. We raden u aan onderscheid tussen beide vergaderingen te maken. Alle MR-leden kunnen zich dan vrijelijk uitspreken in de MR-vergadering en de overlegpartner neemt niet de rol aan van adviseur van de MR. Een dubbele pet wordt hierdoor vermeden. Meer in de Handreiking overleg met het bevoegd gezag.

14. Onze tijd is beperkt. Hoe kunnen we zo efficiënt mogelijk vergaderen?

Voor het efficiënt vergaderen is het raadzaam dat de bestuurder en de secretaris zich hierin bekwamen. Dit kan via trainingen of workshops, maar ook op internet vindt u vergadertips. Zorg in ieder geval voor:

  • Een rustige en prettige vergaderruimte
  • Duidelijke vergaderregels
  • Een goede agenda
  • Een strakke planning
  • Een goede leiding: verdeel de spreektijd per lid goed, voel aan wat nodig is voor de groep en houd de tijd in de gaten.
  • Zorgen dat er heldere afspraken worden gemaakt en neem ze op in de activiteitenlijst.

15. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat onze bestuurder ons juist en tijdig informeert?

De MR heeft recht op tijdige informatie van het schoolbestuur die nodig is om zijn taak te vervullen. Blijft het bestuur in gebreke, vraag dan om de informatie en leg uit waarom je deze nodig hebt en voor welke werkzaamheden. Geen tijdige, onjuiste  of helemaal geen informatie betekent dat u uw werkzaamheden niet naar behoren kunt uitvoeren. Advies of instemming blijft daardoor uit. Dit vertraagt het besluitvormingsproces en gaat ten koste van de samenwerking. Om te voorkomen dat u achter de feiten aanloopt, is het aan te raden aan het begin van het jaar te inventariseren welke onderwerpen er het komende jaar op de agenda staan, een jaarplanning te maken en ervoor te zorgen dat de MR weet waar hij heen wil en wat de doelstellingen zijn. Zorg voor een informatievoorsprong: win zelf informatie in uit openbare bronnen, door een achterbanraadpleging en via externe deskundigen.

16. Welke stappen kunnen we nemen als we het niet eens worden met de bestuurder?

Probeer er in de eerste plaats samen uit te komen, bijvoorbeeld met een externe bemiddelaar. Lukt dit niet dan kunt u de stap nemen naar de geschillencommissie. Win van tevoren advies in bij de landelijke organisaties van werknemers, ouders, leerlingen en werkgevers. Zij weten hoe de commissie in eerdere gevallen heeft geoordeeld. De Landelijke Commissie voor Geschillen WMS in Utrecht biedt drie mogelijkheden voor geschiloplossing: mediation, de geschillencommissie en de Ondernemingskamer. Zie ook www.onderwijsgeschillen.nl.

17. Hoe vinden we nieuwe, gemotiveerde MR-leden?

Het vinden van kandidaten is niet altijd even makkelijk. Neem in het activiteitenplan een onderdeel werving en opleiding op om opvolgers in stelling te brengen. Realiseer u zich dat de pr van de MR ook bijdraagt tot interesse in de MR voor een lidmaatschap. Zorg dus in ieder geval dat u positief naar buiten komt en mensen laat weten dat de medezeggenschap er echt toe doet. Vent uw successen uit! Voor het vinden van leden van de personeelsgeleding wordt vaak een wisselrooster gebruikt. Hierdoor is niet iedereen even gemotiveerd. Probeer dit dan ook zoveel mogelijk te vermijden. Benader collega’s individueel, leg uit wat werk inhoudt en wat de voordelen zijn. Vraag ook of de bestuurder zich positief over de medezeggenschap wil uitlaten. Bijvoorbeeld door het belang ervan te benadrukken tijdens een personeelsbijeenkomst of in de schoolnieuwsbrief. Maak duidelijk dat het goed is voor je ontwikkeling en je cv om bij het beleid betrokken te raken. Wat betreft ouders en leerlingen geldt hetzelfde. Laat zien wie je bent, hoe belangrijk het werk is en welke invloed je uit kunt oefenen. Lobby via de ouderraad of leerlingenraad. Spreek mensen persoonlijk aan, bied leerlingen en ouders faciliteiten. Kortom, maak het MR-werk aantrekkelijk. Heeft u voldoende kandidaten organiseer dan verkiezingen, ook als het er maar net voldoende zijn. Een democratisch mandaat is belangrijk voor het functioneren van de MR. Meer informatie over het houden van verkiezingen vindt u in het medezeggenschapsreglement. 

18. Hoe kunnen we werken aan professionaliteit?

Samengesteld zijn via rechtsgeldige verkiezingen en het volgen van een correcte verkiezingsprocedure, zie het medezeggenschapsreglement, is de eerste stap. Maak jaarlijks een activiteitenplan en houdt een ambitiegesprek met de overlegpartner. Bespreek de wederzijdse verwachtingen en faciliteiten om het MR-werk uit te kunnen voeren. Hieruit volgt een jaarplanning. Evalueer aan het eind van het schooljaar de resultaten en kijk wat er beter kan en of de samenwerking loopt zoals gewenst. Volg opleidingen en workshops op gebieden waar u tekort komt, schakel een adviseur in als u ondersteuning nodig heeft, vraag om een ambtelijk secretaris als dat nodig is, zorg voor een sterke voorzitter en kijk naar uw verbeterpunten via de quickscan.

19. Hoe kan de MR samenwerken met de andere MR-en, de GMR en OPR?

Net als bij de relatie tussen de MR en de raad van toezicht is hierover formeel niets geregeld. Toch is het belangrijk het contact met de andere medezeggenschapsorganen op regelmatige basis te onderhouden. Spreek in ieder geval af elkaar de notulen van de vergaderingen te sturen en met elkaar in een schooljaar een of meer contactmomenten af te spreken. Dit kan via de voorzitters, maar ook met enkele raadsleden als vertegenwoordiging. Ook kan het zinvol zijn gezamenlijk voorlichtingsbijeenkomsten of cursussen te organiseren over onderwerpen die alle raden aangaan. Zo kunt u kennis en ervaring delen. Bij grotere organisaties neemt de GMR hierbij vaak het voortouw. U kunt over de samenwerking een procedure opnemen in het medezeggenschapsreglement en/of –statuut.

20. Het aantal leerlingen in onze MR is niet voldoende. Hoe betrekken we leerlingen meer bij de medezeggenschap?

Als er in uw school al een leerlingenraad is, kunt u hieruit leerlingen voor de MR werven. Zij zijn al betrokken bij de school en weten wat er speelt. In veel scholen werkt het ook zo. Is er nog geen leerlingenraad, maar werkt de school wel met klassenvertegenwoordigers dan zou de MR deze groep kunnen benaderen voor een mogelijk MR-lidmaatschap. Bij het LAKS kunt u meer informatie krijgen over het oprichten van een leerlingenraad en het betrekken van leerlingen bij de medezeggenschap. De organisatie biedt ook trainingen voor leerlingenraden en de leerlingengeledingen van MR. Meer in de Handreiking Participatie van ouders en leerlingen

21. Hoe kan de MR gebruikmaken van sociale media?

Welk sociaal netwerk voor de mr interessant is, hangt af van wat u wilt bereiken. Twitter wordt voornamelijk gebruikt voor het delen van korte berichten en interessante webpagina’s met onbekenden, collega’s en vrienden. De MR kan Twitter gebruiken om aan te geven waar hij mee bezig is en de aandacht te vestigen op bepaalde activiteiten op school, zoals MR-vergaderingen, open dagen en evenementen. Daarnaast kun je via Twitter snel inspringen op klachten en daardoor betrokkenheid creëren bij de achterban. Op Linkedin kunnen de leden gebruikmaken van elkaars netwerken, informatie uitwisselen en zakelijke kansen zoeken. LinkedIn is met name interessant om een netwerk op te bouwen rond de MR. U kunt zelf een groep aanmaken voor de achterban, waardoor rechtstreeks contact met ouders, docenten en eventueel ook leerlingen mogelijk is. Vraag via de groep bijvoorbeeld  aan de ouders wat ze vinden van de schooltijden, de tussenschoolse opvang, de ouderbetrokkenheid en huiswerkbegeleiding. Ook kunt u zich aansluiten bij een groep die zich bezighoudt met medezeggenschap in het onderwijs en zo ideeën en ervaringen met elkaar delen. Facebook is vooral bedoeld voor het delen van privéberichten en foto’s met vrienden. Toch zijn er veel scholen met een eigen Facebook-account voor het plaatsen van foto’s, het delen van informatie en het aankondigen van evenementen. De MR zou hier ook gebruik van kunnen maken.
Meer in de Handreiking Sociale media.

22. Op welke punten heeft de medezeggenschapsraad instemming en advies en vanuit welke geleding?

Hier vindt u een uitgebreid overzicht van de instemmings- en adviesbevoegdheden van de medezeggenschapsraad.

23. Mag een directeur van een school plaats nemen in de (G)MR?

Als de directeur door het personeel in de MR of door de medezeggenschapsraden in de GMR wordt gekozen, kan hij plaatsnemen in de (G)MR.

Als echter de directeur namens het bevoegd gezag het overleg voert met de MR, kan hij/zij niet ook in de (G)MR zitting hebben (artikel 3 lid 8 Wms).

website: Netcreators