Good practice 5: ‘Investeer in de onderlinge contacten’

MR-leden Maaslandcollege eten samen voor de vergadering

Voorafgaande aan de overlegvergadering met de rector was er onvoldoende overleg en persoonlijk contact tussen de geledingen van de MR.  ‘Ouders, personeel en leerlingen stonden in de pauze allemaal apart per geleding koffie te drinken’, zegt Marieke van Druten, lid van de oudergeleding van de MR van het Maaslandcollege in Oss. Dat kon anders, want bij de GMR van OMO, de besturenorganisatie waar het Maaslandcollege onder valt, had ze ervaren dat meer onderling contact leidt tot effectiever vergaderen. 

Het Maaslandcollege telt circa 1700 leerlingen en 145 personeelsleden, een redelijk grote school dus, maar kleinschalig georganiseerd. ‘Verleg je grenzen’ is het motto van de school dat tot uiting komt in het uitgebreide internationaliseringsprogramma, het rijke aanbod aan vakken en het bieden van steeds meer maatwerk. De MR bestaat uit zes personeelsleden, drie ouders en drie leerlingen. Daarnaast zijn er een leerlingenraad, een ouderraad en verschillende sectorraden (voor de brugklas en de onder– en bovenbouw van de verschillende richtingen). Marieke van Druten, directeur van een uitzendorganisatie in Oss, heeft twee kinderen op het Maaslandcollege. Ze is een zeer betrokken ouder, geen type om van de zijlijn mee te kijken. Vandaar dat ze vier jaar geleden in de brugklasraad en de ouderraad zitting nam. Daarna stroomde ze door naar de MR en de havoraad. Sinds vorig jaar zit ze ook in de GMR van OMO. 'Bij de GMR was een andere opzet dan bij de MR. Daar was veel meer interactie tussen de geledingen, omdat er van tevoren met elkaar wordt gegeten en daarna eerst zonder de bestuurder overleg plaatsvindt. Ik heb samen met een docent die ook in de GMR zit voorgesteld dezelfde aanpak te hanteren voor onze vergaderingen. In zo’n vooroverleg kun je vragen aan andere geledingen stellen en standpunten uitwisselen. Voor ouders en leerlingen zijn de onderwerpen die in de MR aan de orde komen meestal geen dagelijkse kost en gebrek aan kennis van afkortingen en vaktaal maakten dat actief en constructief meedenken soms lastig was.’

Veilig vragen stellen

Marieke legde haar voorstel voor aan de rector en de MR-leden. Ze waren unaniem voor een andere aanpak. Ook de MR was dus bereid zijn grenzen te verleggen. 'Sinds vorig jaar komen we om 18.00 uur bij elkaar om samen te eten, soms zijn er broodjes, soms een buffet. Dit geeft ons de gelegenheid elkaar beter te leren kennen. Aansluitend hebben we een vooroverleg. Omdat de sfeer wat informeler is en we elkaar kennen, voelt iedereen zich nu ook “veiliger” om vragen te stellen, ook al denk je dat het soms domme vragen zijn. Bovendien weten we nu al eerder wat per geleding het standpunt is. Als vervolgens de rector aansluit, kunnen we effectiever doorvragen op de informatie die we krijgen en ingaan op de standpunten vanuit de directie. Al met al hebben we nu een strakkere agenda, mits we er niet teveel onderwerpen op zetten natuurlijk, en komen er kwalitatief beter en meer onderbouwde beslissingen richting de directie uit. Om nog efficiënter te kunnen werken, hebben we ook een spel met elkaar gedaan om de prioriteiten voor het komende schooljaar te bepalen.’ Het is volgens Marieke belangrijk te investeren in informele bijeenkomsten om het contact op een andere manier aan te gaan dan alleen tijdens de vergadering. ‘Je leert elkaar kennen als mens. Doordat je weet wat de achtergrond van de andere MR-leden is, krijg je meer begrip voor elkaars standpunten. Ik kom zelf uit het bedrijfsleven en moet er af en toe aan herinnerd worden dat een school geen bedrijf is’.

Good practices 

Dit is het vijfde artikel in een serie over good practices ter inspiratie voor (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden.

Meer informatie over het overleg met het bevoegd gezag?

Ga naar https://www.infowms.nl/content/handreiking-overleg-met-het-bevoegd-gezag