Good practice 8: MR Op De Groene Alm krijgt week lang alle aandacht

Week van de MR: bekendheid gaat met sprongen vooruit

De medezeggenschapsraad van KBS Op De Groene Alm in Utrecht merkte dat lang niet alle ouders weten wat de MR doet en voor welke onderwerpen ze er terecht kunnen. Reden om begin januari van dit jaar ‘De week van de MR’ te organiseren.

Isette Westphal is ouder van twee kinderen en sinds anderhalf jaar MR-lid. ‘We kregen regelmatig vragen van ouders op het schoolplein over de MR. Wat doen jullie eigenlijk en wie zitten er in? We merkten ook dat ouders vaak denken dat wij de praktische zaken regelen.’ Die vragen én misverstanden waren de belangrijkste reden om begin januari een hele week te focussen op de medezeggenschapsraad. 

De school staat in de Utrechtse groeiwijk Leidsche  Rijn. Er zijn nu 300 leerlingen in 15 groepen maar de school groeit de komende jaren naar 400 leerlingen in 17 groepen. Westphal: ‘De ouders kennen de MR niet, maar de MR-leden kennen ook niet meer alle ouders. We willen voorkomen dat je altijd in het eigen netwerk van de groep van je kinderen blijft praten. Daarom besloten we de MR breder bekend te maken. We hebben deze eerste keer bewust heel laagdrempelig aangepakt en voor een week gekozen waarin geen andere activiteiten gepland stonden.’

De eerste actie was de presentatie van de zes MR-leden op Social Schools, het digitale platform van de school, met een uitnodiging voor het MR-café op donderdagavond. De MR plaatste elke dag een bericht op het platform over een thema waar de MR zich mee bezighoudt. Ook stonden de MR-leden vier ochtenden met een whiteboard bij de ingang om ouders uit te nodigen hun vragen op te schrijven. Westphal: ‘Op maandag was dat nog even onwennig, maar op woensdag stond er een rij ouders die hun vragen wilden delen.’ 

Het MR-café vormde de afsluiting van de week. Tijdens de avond was er een presentatie over het werk van de MR en werden de gestelde vragen beantwoord. De avond eindigde met een borrel om nader met elkaar kennis te maken. 

De ‘Week van de MR’ was een succes. De MR-leden zijn beter bekend bij de ouders en ze weten nu ook wat de MR voor hen kan betekenen. De vragen uit het MR-café leveren input voor de komende vergaderingen. Duidelijk werd dat er veel vragen waren over de communicatie. Ouders willen op de hoogte gehouden worden van wat er speelt. ‘Aan de andere kant wordt informatie soms ook slecht gelezen’, geeft Westphal aan. ‘Maar we weten nu beter wat er leeft onder de ouders en hebben gemerkt dat zij over sommige onderwerpen soms anders denken dan we verwachtten.’ Bijkomstig voordeel is dat een aantal zeer betrokken ouders zich gemeld heeft, zij kunnen benaderd worden als klankbord of toekomstig MR-lid.

Over een half jaar wil de MR nogmaals een MR-café organiseren om informatie te delen en te peilen wat er dan leeft.

Dit is het achtste artikel in een serie over good practices ter inspiratie voor (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden