Goed voorbeeld: Zo zorgt WJB in Purmerend voor ‘uitmuntende’ medezeggenschap leerlingen

Hoe zorg je dat leerlingen willen deelnemen aan een medezeggenschapsraad, en zich daarin ook serieus genomen voelen? Op het WJB in Purmerend, een school voor vmbo met extra ondersteuning, praktijkonderwijs en ISK, lukt het. “Vanaf het moment dat ze hier op school komen, leren we leerlingen dat hun mening ertoe doet, en hoe ze die geven op een manier waarop anderen willen luisteren.”

Het kan een flinke uitdaging zijn: leerlingen vinden die lid willen worden van de medezeggenschapsraad. Op het WJB is dat geen probleem, vertelt directeur Marlie van Löben Sels - de Wijs. Samen met docent Peter Uiterwijk, die ook in de mr zit, vertelt ze hoe ze dat doen. 

Luisteren naar leerlingen

Volgens Van Löben Sels - de Wijs begint het met het serieus nemen van de mening van leerlingen, op alle plekken in de school. "We luisteren naar ze, in de klas, in de gang. En daarbij zeggen we: het gaat ook om hóé je iets zegt. Leerlingen die de les uit worden gestuurd, gaan bijvoorbeeld naar een lokaal waarin we specifiek met ze bespreken: wat had je anders kunnen doen of zeggen zodat er wel naar je geluisterd zou worden? Dat we naar ze luisteren begint in de eerste klas en gaat door tot ze van school gaan. Zo leren ze dat hun mening ertoe doet, en hoe ze die op een goede, respectvolle manier verwoorden."

Op het WJB vormen alle klassenvertegenwoordigers samen de leerlingenraad. En vanuit de leerlingenraad zitten weer leerlingen in de mr, een per afdeling. "Iedereen weet wie zijn klassenvertegenwoordiger is, en de klassenvertegenwoordigers weten samen goed wat er speelt onder leerlingen. Op die manier zijn de lijntjes kort."

Meenemen in besluitvorming

Vervolgens komt het er natuurlijk op aan dat leerlingen ook daadwerkelijk worden meegenomen in de besluitvorming, net als de rest van de mr. "We investeren echt in hun participatie", vertelt Uiterwijk, die de betrokkenheid van de leerlingen in de mr afgelopen jaar ‘uitmuntend’ noemt.

"Leerlingen hebben dan misschien net wat meer tijd nodig om tot een besluit te komen. Geen sturing, maar wel een open gesprek. Daar steken we tijd in. We leggen bijvoorbeeld uit dat de schoolregels die in de klassen hangen moeten worden aangepast, en de vraag nu is of de borden dan ook moeten worden aangepast. Als je niet uitlegt wat de consequenties zijn, dan zegt iedereen ja. Maar als je uitlegt dat dat zoveel duizend euro kost, dan kunnen ze goed geïnformeerd besluiten of ze dat nodig vinden, of dat het wel goed is zoals het is."

Zo hebben leerlingen al een belangrijke rol gehad in meerdere processen op school, vertelt Van Löben Sels - de Wijs. “Zo zaten er een leerling namens de leerlingenraad en mr in de benoemingscommissie toen ik solliciteerde. Maar ze hebben bijvoorbeeld ook meegedacht over het ontwerp voor het nieuwe schoolplein, dat deze zomer is aangepakt. Toen ik hier kwam, vertelden leerlingen al snel dat ze het plein niet leuk en gezellig vonden. Vervolgens hebben ze in hun klassen en daarna in de leerlingenraad en de mr besproken hoe het er dan uit zou moeten zien."

"Daar kwam een wensenlijstje uit, dat deels is uitgevoerd. Ook dingen die we anders niet hadden gehad, zoals een toestel waaraan ze pull-ups enzo kunnen doen. Dat was een nadrukkelijke wens van de leerlingen. Ook wilden ze kleurrijke bloemen en een bepaald soort zitgelegenheden. Die zijn er allemaal gekomen. Natuurlijk kan niet alles, zo wilden ze een afdakje voor fatbikes dat er niet is. Maar ze hebben toch best wat inspraak gehad. Het leuke is dat ze ook voelen dat ze invloed hebben gehad. En het sluit zo natuurlijk beter aan bij hun behoeften dan als wij het als volwassenen hadden vormgegeven."

Smartphoneverbod

Een ander proces waarin de leerlingen een rol spelen, is het voorgenomen smartphoneverbod. "Dat is er dankzij hen nog niet. De leerlingen willen hun telefoon in de pauze kunnen gebruiken en vinden dat wij daar niets over te zeggen hebben. Nu komt het gesprek op gang: wat mag dan wel? Een laptop bijvoorbeeld? Als we niet naar de leerlingen hadden geluisterd, dan was het verbod dit jaar ingegaan. Nu nemen we wat langer de tijd, zodat er hopelijk een oplossing komt waar iedereen achter staat."

"Daarnaast zijn we al een tijd bezig met aanpassingen in het ondersteuningsprofiel, waarin staat welke hulp en ondersteuning we onze leerlingen, die allemaal wat extra’s nodig hebben, bovenop het normale programma kunnen bieden. We bespreken daarvoor met leerlingen wat zij daarin belangrijk vinden, en wat er van hen niet per se in hoeft. Zo komen we tot een gesprek, waarin wij soms uitleggen waarom we iets wel doen, of dingen horen die we kunnen aanpassen zodat we beter kunnen aansluiten bij de wensen en behoeften van onze leerlingen."

De participatie van leerlingen vraagt volgens Van Löben Sels - de Wijs dan ook wat van de directie en leerkrachten. "We moeten soms ook – voor de leerlingen – moeilijke vragen beantwoorden, of toegeven dat we iets achteraf inderdaad beter anders hadden kunnen doen. Maar ook dat is waardevol. Zo had ik twee elektrische fietsen aangeschaft voor mensen van het stagebureau, die de leerlingen tijdens hun stages bezoeken. Leerlingen in de mr vroegen wat die hadden gekost, en van welk budget dat was gegaan. Dat kan voelen als dat er geen vertrouwen is, maar het is juist heel goed dat ze dat doen, en belangrijk dat ik daar als directeur voor opensta. Het gaat erom dat zij hun taak serieus nemen en de stukken lezen, en dat de directie en mr de leerlingen serieus nemen. Dan is het heel waardevol, voor hun ervaring en voor de school."